Assen ontzegt LOS eerste prijs

Schakers zijn overdag vrij. In de avond vaak ook, want dan zijn ze in de kroeg te vinden. Daar delen ze dan de partijen die ze overdag gespeeld hebben. Een constante flow van nieuwe mogelijkheden die het schaakspel biedt houdt deze schakers van een baan af en op de been. Tijdens het bier drinken ‘s avonds draaien ze dat vaak om. Ze dromen van een baan, ze hebben die baan eigenlijk al. Aan de andere kant hebben ze moeite om op hun benen te blijven staan. Zo ook onze teamleider Koen Lambrechts. In de reis van of naar Assen werden herinneringen aan het legendarische SISSA II kampioenschap in de 2e klasse A opgehaald. De fans herinneren zich de foto vast nog. Koen is dichtbij een baan. Het schaakspel en de scriptie staan echter nog in de weg. Beide worden als excuus gebruikt om een biertje te gaan drinken in het bekende etablissement aan het Zuiderdiep. Zo ook maandagavond. Misschien een normale zaak voor een schaker, maar de gemiddelde arbeider of knor, zo u wilt, is gewoon aan het werk op dinsdagochtend. Toch? De bekerfinale werd echter gespeeld op een dinsdag, omdat schakers nu eenmaal vrij zijn. Dus moest Koen maandag bier drinken, dat is immers mos. Mos ja, bij LOS doen we niet aan geschreven regels. Frits had evenals Koen ook een goede voorbereiding gehad. Zo goed zelfs, dat hij dinsdagavond de bank boven de kroeg verkoos. Papa Hummel moest om de zoveel uur uit zijn nest en filosofeerde over of een mens beter brak kan zijn of een kind iedere paar uur aandacht moet geven. Wellicht een leuke stelling om met de klas te bespreken na de meivakantie, Hummel. Uw verslaggever had een matige voorbereiding. Geen biertjes gedronken; alleen maar bezig met het streamen van schaken, gekkenhuis. Aangezien ik het nu in het verhaal heb verwerkt is het denk ik gerechtvaardigd om een link te plaatsen: https://twitch.tv/kleerkast_chess

Goed dan. De bekerfinale tegen Assen: klik voor partijen. In de KNSB-beker hadden we Assen nog vakkundig eruit gekukeld. Tough Lambright en kornuiten, weet u het nog? We zijn overigens nog steeds in de race voor de felbegeerde cup. Tot voor gisteren waren we zelfs in de race voor drie prijzen. De klad begint er echter in te komen. Is LOS bang om een prijs te winnen? Volledig in zelfdestructie-modus tegen GUC 3, verlies van de NOSBO-bekerfinale. Staan we straks met lege handen? Niet als het aan Hummel ligt. Die heeft namelijk al zijn eigen prijs gewonnen: de Hummel-cup. De LOS-speler die als langst 100 procent wist te behalen dit seizoen mocht zijn naam aan de topscoordersprijs geven. Ook dinsdag was het weer genieten geblazen bij Hummel. Schitterend om die man aan het werk te zien. Opponent Rieks Taal overzag een trucje op d5 gevolgd door een verwoestende koningsaanval. Op een gegeven moment stond Hummel een berg materiaal achter en Rieks kon nog meer pakken, maar het was altijd gewonnen voor Hummel. Misschien nog wel mooier dan de partij is Hummel in de analyse. Een stel Assenaren doet wat suggesties. Hummel slurpt als een illustere pilsbaas aan zijn goudgele rakker amice Freddy en zegt: deze en dan die en dan kapot. Alles is kapot hier. Passant stribbelt tegen: maaarrr deze dan… KAPOT. Heerlijk.

Frits merkte tijdens de terugweg op dat ik zijn stelling had moeten hebben en andersom. Dat vond ik een goede observatie. Ik was in een positioneel duel verwikkeld met Geon Knol. Dit was een kolfje naar Frits’ hand geweest. Ik maakte echter te veel verkeerde beslissingen om kans te maken op de overwinning. Laat mij niet vaag blijven over de partij en man en paard noemen. Ik begon de partij met mijn stokpaardje, Pf3. Geons rating en de mijne lagen allebei onder de 2100, maar wij kijken niet naar rating. Immers, ook een raspaard schijt als een karhengst. Aangezien ik met Geon een SISSA-verleden deel, zelfs kampioen samen met hem ben geworden, hoopte ik dat hij mij de partij zou schenken. Odysseus zou trots op me zijn geweest. De partij vorderde langzaam. Ik ruilde wat stukken, want een gegeven paard moet je niet in de bek kijken. Mijn vertrouwen in de stelling werd langzaam groter, het kwam als het ware te voet. In tijdnood ging het echter te paard. Geon had een droomeindspel bereikt en ging op naar de winst. Ik speelde nog lang door, want ook het beste paard struikelt wel eens. Het was niet meer dan aan een dood paard trekken. Geon won en werd zo het beste peerd van stal, helemaal happy in de knollentuin.

Frits had ik al even kort genoemd. Frits speelde een zeer vermakelijke partij. Vanuit een Engelse opening ontbrandde in het middenspel het bord volledig. Complicaties over en weer. De partij snel naspelen doet geen recht aan hoe de partij aanvoelde. Het lijkt namelijk alsof Ivo alles simpel tegenhield en wint met een simpel trucje op g6. Het was echter zweten geblazen. Als twee gladde biljartballen zaten ze achter bord 1. Veel varianten dienden berekend te worden. Uiteindelijk bleek Ivo inderdaad handiger en stuurde hij Frits met een kluitje in het riet. Man, wat een mooie pot.

In de KNSB-beker (die we dus vanaf nu grotemensenbeker noemen) stelde Assen Ivo, Geon, Rieks en Gertjan op. Blijkbaar hebben ze bij Assen veel soep uit blik gegeten de laatste tijd want ze kwamen nu met Tjapko Struik opzetten in plaats van Gertjan. Tjapko bereikte een heerlijke stelling tegen Koen. Koen vond dat hij superslecht stond. Tjapko gaf aan dat hij het niet echt zag. Mooi die discrepantie tussen beide oordelen. Koen probeerde op het eind nog te forceren, omdat we 2 – 1 achter stonden, dat leverde hem helaas een nulletje op. Wellicht was het anders nog remise geworden. We aten gezellig met z’n drieën een hapje in het restaurant van hotel v/d Valk. Daarna at Hummel nog gezellig een hapje in zijn eentje. Normaal ga je dan na het schaken bier drinken. Dus Koen ging bier drinken. Hummel en Frits zochten het comfort van hun banken op. Ikzelf reageerde me af op de online community door even een lesje crazyhouse uit te delen. Iedereen doet het op zijn manier.

Ik dank Frits voor de toeristische route vanaf Zuidlaren richting Groningen. Ik feliciteer Assen met de NOSBO-beker. Tot slot spreek ik de hoop uit dat wij na vrijdag nog steeds uitzicht hebben op de KNSB-beker. Het hangt van gastheer GUC af, maar wellicht weer live te volgen!?

We are the champions. No time for LOSers

“And bad mistakes, I’ve made a few” en toen verloor ik van Robert de Boer, die weinig tot geen fouten maakte. Daarmee werd ik de eerste niet-reglementaire LOSer in de competitie. 2- 0 achter. Het was knudde met een rietje. Ik hoopte van harte dat we ons daardoor niet uit het veld lieten slaan.

Het begon allemaal maanden geleden. Reisgidsen vol met hotels aan zee. Met de KNSB-gids als onze reisgids gingen we het seizoen in. ‘Ronde 8 wordt belangrijk tegen de GUC wordt belangrijk voor het kampioenschap’ – Iemand van LOS . Het kon me niet schelen. Gewoon uit beleefdheid deed ik mee. Potjes winnen, dromen over de derde klasse; de orde van de dag in de gedachtespinsels van onze Vereniging. Ik begon daardoor zelf te geloven in een kampioenschap. Ik ging de leugen leven. Immers, Joseph Goebbels zei ooit: if you repeat a lie long enough, it becomes the truth, maar dan in het Duits.

De indoctrinatie was echter niet geheel compleet. Ik kon de gedachte dat we de underdog waren niet uit mijn hoofd zetten. Daarnaast bleek de quote helemaal niet van Goebbels te zijn, maar door de geallieerden aan Goebbels toegeschreven. Tot overmaat van ramp bleek ook nog dat gedachtegoed wat ik aan de vereniging toeschreef niet het gedachtegoed van de leden van LOS was. De Vereniging bleek ons voor te liegen. De Vereniging boycotte de wedstrijd zonder dat de LOSers het door hadden. Het begon al in de voorbereiding.

De voorbereiding is belangrijk voor LOS. Misschien wel de reden waarom we bestaan zelfs. De Spetters in Zoetermeer, waar het allemaal begon. Ditmaal was de voorbereiding niet zo goed als toen. Dat kwam vooral door halfbakken pogingen van de Vereniging om de voorbereiding aan te slingeren. Slechts Casper en Hendrik reageerden op de call. Niemand had verder zin achter de Vereniging aan te lopen. De Vereniging is een soort Lepidus. Zonder Marcus Antonius en Octavianus bar weinig waard. Maar goed, die zaten in Parijs. Waarschijnlijk onder aan een trap van een oud paleis. Elkaar een enkele seconde in de ogen kijkend. De seconde werd een jaar en toen kusten zij elkaar. ‘Altijd al geweten’ – Iemand van LOS.

Het bleek echter de strategie van de Vereniging. De Vereniging had de meeste leden van LOS waar hij ze wou hebben. Thuis op de bank met vrouw (en kind) en niet aan de drank. Hij had Casper en Hendrik waar hij ze hebben wou: dichtbij en aan de drank. Casper bleek een schim van zichzelf tijdens het schaken. Hendrik een iets dikkere schim dan Casper, maar nog steeds een schim. Zou het dan toch? Zou het de Vereniging lukken? 3-0 achter al.

De Vereniging mocht zelf niet verliezen, want dat zou te veel opvallen. Fons, die volgens Hans beter Benno had kunnen heten en Benno had dan beter Fons kunnen heten, maar dat terzijde, die werkte mee aan het plan van de Vereniging. De Vereniging gaat waarschijnlijk die partij nog analyseren om verder zand in uw ogen te strooien. Want iemand die wint zal wel niet de boel boycotten.

Evenals bij Lepidus was de invloed van de Vereniging (nog) niet zo groot. Hummel was bijvoorbeeld nog buiten bereik van de Vereniging. De Vereniging was blij dat zijn invloed bij Frits wel enigszins merkbaar was. In een bijzonder interessant eindspel wat ik niet ga analyseren, werd de remise-weg bewandeld. En Benno/Fons stond onder grote druk.

De geliefde verslaggever van LOS moest een stuk geven voor een pion op zet 10. De Vereniging blij. Hij had namelijk met Casper afgesproken dat Casper het verslag zou schrijven als Benno zou verliezen. Daarnaast zou het dan 4.5 voor de GUC worden, wat het feest voor de Vereniging compleet zou maken. Om de weddenschap uit te leggen. Benno verliest = Casper schrijft het verslag. Groenewold verliest = De Vereniging schrijft het verslag. Bij verlies van beide zou het een duo verslag worden. Arme Casper. Helemaal meegezogen in het kielzog van de Vereniging. Gelukkig vocht Jan Joris als St. Joris en wist hij te voorkomen dat de Vereniging het verslag ging schrijven. Benno vocht ook. Als een waanzinnige, een krankzinnige en bovenal als een dolle toren. 4 – 4 ! De underdog wist gelijk te spelen tegen de grootmacht.

Nog geen tien minuten later stond de Vereniging ons toe te spreken. Over dat het niet erg was dat we kansen … , blabla Sneek uit, team spirit,… Ik dwaalde af in gedachten. Ik wist dat ik moest ingrijpen. Zeker toen in het restaurant bleek dat de Vereniging zijn macht langzaam uitbreidde. Pas op, Sjaars O. Dus hierbij luid ik de klok en ik ga naar Ecuador en kom pas terug als Octavianus weer terug is uit Parijs.

Miniatuurtje